sitemap | contact | disclaimer
Veelgestelde vragen

Waar toetst de raad aan?
De raad toetst aan artikel 46 Advocatenwet {link naar art 46 Advocatenwet}. De raad kijkt daarbij onder meer of er sprake is van gedrag dat een behoorlijk advocaat niet betaamt.  De norm van artikel 46 Advocatenwet wordt deels door de Gedragsregels {link} ingevuld. Ook verordeningen zijn regelingen die in dit kader worden getoetst.

Welke maatregelen kan de raad eventueel opleggen?
Als de klacht gegrond wordt verklaard, kan de raad een maatregel aan de advocaat opleggen, zoals waarschuwing, berisping, schorsing of schrapping. De raad kan ook gegrond verklaren zonder oplegging van een maatregel.

Mag ik iemand meenemen naar de zitting?
Ja, de zitting is openbaar. Toehoorders zitten op de openbare tribune.

Horen van getuigen
Op grond van artikel 49 van de Advocatenwet kan de raad getuigen horen. Als tot het horen van getuigen wordt besloten, gebeurt dat in beginsel op een nader te bepalen datum. Het verdient aanbeveling getuigenverklaringen, indien deze een standpunt onderbouwen, in schriftelijke vorm vast te leggen en tijdig als productie in het geding te brengen.

Vrijstaan / belangenverstrengeling
De leden van de raad zijn werkzaam als rechter of als advocaat. Het kan gebeuren dat een lid van de raad te dicht bij een zaak staat om daar voldoende onpartijdig over te kunnen oordelen. De raad tracht zoveel mogelijk te voorkomen dat dit gebeurt. De samenstelling van de kamer wordt voor de zitting aan partijen bekend gemaakt.  Indien een partij meent dat een lid van de kamer niet over een zaak zou mogen oordelen, dient de partij dat zo spoedig mogelijk kenbaar te maken aan de griffier.

Aanleveren aanvullende stukken
Eventuele aanvullende stukken kunnen tot uiterlijk 2 weken voor de zitting in 7-voud worden ingediend bij de griffie. Daarnaast moet u een kopie van die stukken sturen aan de wederpartij. Bij te late indiening kunnen de stukken worden geweigerd. Dat wordt door de raad ter zitting bepaald. Relevant zijn onder meer de omvang van de stukken en de bekendheid van de wederpartij met de stukken.
 
Schadevergoeding
De Raad van Discipline kan in principe geen schadevergoeding vaststellen, zoals een gewone rechter dat kan. Wel kan de raad een voorwaardelijke maatregel opleggen: als de advocaat de schade vergoedt, krijgt hij geen maatregel opgelegd. Indien partijen een geldvordering aanhangig willen maken is de civiele rechter de meest aangewezen weg. Ook via een begrotingsprocedure of de geschillenregeling, waarover u meer informatie vindt op www.advocatenorde.nl, kunnen financiële geschillen worden beslecht.

Welke stukken in het dossier?
De griffier van de raad ontvangt de stukken van de deken die de klacht heeft onderzocht. De deken stuurt een afschrift van zijn/haar aanbiedingsbrief aan de Raad van Discipline naar partijen zodat zij weten welke stukken bij de raad bekend zijn. De griffier van de raad zendt ongeveer een week voor de zitting dit dossier naar partijen met het verzoek dit mee te nemen naar de zitting.

Processtukken gesteld in vreemde taal
Processtukken dienen te worden ingediend in de Nederlandse taal. Als een verzetschrift binnen de termijn is ingediend en niet is gesteld in de Nederlandse taal, dan geeft de griffier de partij de gelegenheid binnen een vastgestelde termijn het stuk alsnog in het Nederlands in te dienen. Als de vertaling binnen die termijn is ingediend, is het verzetschrift tijdig ingediend. Als de vertaling niet tijdig wordt ingediend wordt de zaak op een zitting behandeld waar slechts de ontvankelijkheid van het verzetschrift wordt beoordeeld. Als de raad het verzet ontvankelijk acht wordt een nieuwe datum bepaald waarop de klacht inhoudelijk wordt beoordeeld. De verwerende partij in verzet mag een schriftelijke reactie indienen en wordt in de gelegenheid gesteld te worden gehoord.

Voorzittersbeslissingen
De voorzitter van de Raad van Discipline kan een klacht binnen 30 dagen nadat deze is  ontvangen van de deken, zelf schriftelijk afdoen als deze naar het oordeel van de voorzitter kennelijk ongegrond, kennelijk niet-ontvankelijk of van onvoldoende gewicht is. Als de klager het met deze beslissing niet eens is, kan hij daartegen binnen 14 dagen in verzet komen. Vervolgens wordt de zaak alsnog op een zitting van de Raad van Discipline behandeld. Tegen de beslissing die de raad dan neemt staat geen hoger beroep open.

Indienen verzetschrift
Verzet kan per fax worden ingesteld, mits dezelfde dag het verzetschrift vergezeld van de bijlagen in 7-voud per post wordt verzonden. Als een in te dienen verzetschrift niet per post wordt verzonden, kan het, vergezeld van de bijlagen, in 7-voud bij de griffie in de brievenbus worden gedeponeerd of afgegeven:Postbus 3115, 4800 DC Breda. Indien buiten de bereikbaarheidsuren een verzetschrift ingediend wordt en een bewijs van ontvangst verlangd wordt, dient vooraf te worden geïnformeerd naar de mogelijkheden.

Geen uitstel voor indienen verzetschrift
Op grond van artikel 46h van de Advocatenwet dient het verzetschrift met gronden binnen de verzettermijn te worden ingediend. Uitstel van deze termijn kan niet worden gegeven.

Geen verzet op nader aan te voeren gronden
volgens vaste rechtspraak kan geen verzet op nader aan te voeren gronden worden ingediend. De beoordeling in verzet wordt bepaald door de omvang van het verzet dat is aangegeven in het verzetschrift. Diepgaandere argumenten kunnen later, dus ook tijdens de behandeling, naar voren worden gebracht, maar dienen wel te zijn gebaseerd op de gronden in het verzetschrift.

Wanneer is hoger beroep mogelijk?
Onderaan elke uitspraak van de raad staat wie er in dat geval wel en niet hoger beroep kunnen instellen.   Tegen een voorzittersbeslissing staat geen hoger beroep open, maar verzet. Ook is geen hoger beroep mogelijk als de Raad van Discipline, na een gegeven voorzittersbeslissing, het tegen die beslissing ingestelde verzet ongegrond heeft verklaard.

Toga
De behandelingen vinden niet in toga plaats. Dat geldt voor de leden van de raad, de beklaagde advocaat en hun eventuele gemachtigden/advocaten.